Lesrooster: een beetje meer flexibel aub...

Vijf manieren om tot een interessanter lessenrooster te komen

‘Waarom moeten we dat kennen?’ is een vraag die te vaak onbeantwoord blijft. Nochtans moet onderwijs gaan om zinvolle dingen leren. Maar ook over zelf keuzes kunnen maken en je leerproces mee in handen nemen, zowel binnen als buiten de klas. De klanken van leerlingen zijn duidelijk: school is nog te veel zoals het altijd al is geweest. Iedere leerling krijgt hetzelfde pakket voorgeschoteld en de lessen staan te ver af van de realiteit. Leerlingen willen keuzevrijheid om zich te kunnen verdiepen in wat hen echt boeit . Daarom vraagt VSK: 

1. Keuzevakken in elke lessenrooster  

Leerlingen willen de verantwoordelijkheid krijgen om zelf keuzes te kunnen maken in hun eigen lessenpakket. De vraag is duidelijk en eenvoudig: Bied meer keuzevakken aan naast de basisvakken. Een ruim aanbod van keuzevakken waarbij je in contact komt met zoveel mogelijk verschillende vakgebieden zorgt er volgens de scholieren voor dat je horizon verbreedt. Via keuzevakken leggen leerlingen eigen accenten in hun studietraject. Ze gaan voor nieuwe uitdagingen of diepen een gekend talent verder uit. Mogelijke keuzevakken zijn politiek, economie, lichamelijke opvoeding, huishoudkunde, actualiteit, Spaans, gezondheid, EHBO, ICT…Als je als school maar één of twee keuzevakken aanbiedt, dan ben je onvoldoende ambitieus.

2. Weg met hokjes 

VSK is voorstander van een meer vakoverstijgende benadering. Projectwerk maakt leerstof levensecht en zet aan tot meer leren. Jongeren willen niet altijd op de schoolbanken zitten. Er moet een goede afwisseling bestaan tussen algemene vakken en projectwerk. Leerlingen vragen naar nuttige leerstof die bij elkaar past en die gelinkt met elkaar kan worden. Scholieren benadrukken wel dat het om zinvolle projecten moet gaan. Want te veel projecten zonder nuttige inhoud, daar hebben leerlingen geen boodschap aan. 

3. Voldoende ademruimte 

Het onderwijs moet volgens de Vlaamse Scholierenkoepel mee evolueren met de moderne maatschappij. Jongeren willen zich op hun gemak voelen op hun school en tijdens de lessen. Ze hebben nood aan onderwijs op hun tempo. Jongeren vragen ademruimte voor dingen die minder vlot gaan en willen de tijd krijgen om extra inspanningen te doen voor leerstof die ze net heel interessant vinden. Leerlingen hebben nood aan een evenwichtige lessenrooster en voldoende rustmomenten. Ruimte voor vrije tijd op school dus. Vrije uren na school moeten ook vrije uren zijn. De school moet dit respecteren. 

4. Flexibele(re) schoolloopbanen 

In het middelbaar geldt als uitgangspunt dat elke leerling alle lessen met de andere leerlingen moet volgen en binnen het jaar moet slagen voor alle vakken. Scholen kunnen gebruik maken van de regelgeving over individuele leertrajecten; een aangepast traject voor leerlingen die hier nood aan hebben. In de praktijk maakt maar een klein aantal scholen hier gebruik van. Daarom pleit VSK voor meer flexibiliteit en aandacht individuele interesses en competenties. Leerlingen vragen leerlinggericht onderwijs dat inspeelt op wie zij zijn. VSK pleit voor een soepelere houding van scholen binnen de schoolloopbaan. Meer keuzevakken, meer differentiatie, mogelijkheden tot vrijstellingen, ondersteuning en uitdaging. Dat betekent niet dat leren in een klasgroep moet verdwijnen. Ver doorgedreven individuele trajecten zoals deze nu bestaan in het hoger onderwijs is niet de vraag van VSK.  Een fijn evenwicht zoeken is de boodschap. 

5. Stages en praktijkervaring voor alle leerlingen 

Leerlingen pleiten voor stages en praktijkervaringen voor alle leerlingen. Stages bieden belangrijke leer- en ontwikkelingskansen en iedere leerling heeft het recht om gedurende een korte periode in een professionele setting attitudes, vaardigheden, kennis en inzichten op te doen. Een stage kan op verschillende manieren opgevat worden en is meer dan het voorbereiden van leerlingen op één bepaalde job. Investeer in kwalitatieve stageplaatsen voor alle leerlingen.